Vastgoed investeren in 2026: het belang van een helder rendementsdoel (deel 1)
Voor particuliere vastgoedinvesteerders in België en meer bepaald Vlaanderen wordt 2026 een jaar waarin “strategische scherpte” belangrijker is dan ooit.
Stijgende bouw- en renovatiekosten, selectieve kredietverlening en een steeds sterker regelgevend kader maken duidelijk dat investeren op buikgevoel niet langer volstaat.
Een succesvol investeringsverhaal start vandaag bij één fundamentele oefening: “het expliciet vastleggen van een rendementsdoel” en het hier consequent op afstemmen van eigen middelen en externe financiering.
1. Begin met het einddoel: welk rendement verwacht u?
Elke investering moet vertrekken vanuit een concreet en meetbaar rendementsdoel. Dat kan verschillende vormen aannemen:
- Netto huurrendement: jaarlijkse cashflow na kosten en belastingen
- Totaalrendement: huurinkomsten + meerwaarde op lange termijn
- Vermogensopbouw: beperkte jaarlijkse opbrengst, maar sterke kapitaalgroei
- Inkomensaanvulling: focus op stabiliteit en voorspelbaarheid
Voor particuliere investeerders in Vlaanderen ligt een realistisch netto huurrendement in 2026 vaak tussen 2,0% en 4,0%, afhankelijk van locatie, type vastgoed en mate van financiering.
Hogere rendementen zijn mogelijk, maar vereisen doorgaans meer actief beheer, renovatierisico of een uitgesproken marktniche.
Een duidelijk doel vermijdt achteraf teleurstellingen en vormt het referentiekader voor alle volgende beslissingen.
2. Breng eigen middelen strategisch in kaart
Na het vastleggen van het rendementsdoel volgt de vraag:
Hoeveel eigen kapitaal zet u in, en waarom?
Eigen middelen beïnvloeden rechtstreeks:
* De financieringsgraad en kredietvoorwaarden
* Het risico-profiel van de investering
* De netto cashflow
* Het uiteindelijke rendement op eigen vermogen
Een hoge eigen inbreng verlaagt het risico en verhoogt de cashflowzekerheid, maar kan het rendement op eigen middelen afremmen. Omgekeerd kan een beperkte eigen inbreng, mits correcte financiering, het rendement versterken, zij het met hogere gevoeligheid voor rente- en leegstandsrisico’s.
In 2026 is het cruciaal om “liquiditeit te behouden”: niet al het beschikbare kapitaal hoeft in één project vast te zitten.
Reservemarges voor onverwachte kosten, renovaties of fiscale aanpassingen zijn geen luxe, maar een noodzaak.
Wordt vervolgd in een nieuw nieuwspost week 4/2026 …
Het expertenteam bij Marc Duval staat u graag met raad en daad bij om de juiste strategische keuzes te maken en consequent uit te voeren.
